De hoogtijdagen van de radiopiraten.

Na het uitgaan van de zeezenders in 1974 vonden een groep Nederlanders dat het toch anders moest op de Nederlandse radio. Met wat zelf geknutselde zenders, vooral middengolf ging men de ether in. Heel langzaam groeide dat aantal radiopiraten, inmiddels had men ook de FM-zender ontdekt. In 1980 explodeerde het aantal radiopiraten in Nederland. Vele muziekstromen zorgde ervoor dat jeugd geen genoegen meer nam met het Hilversumse voorbepaalde geluid. Er ontstonden vele soorten radiopiraten, van éénpersoon met zender tot goed georganiseerde commerciële radiozenders, en dat allemaal illegaal. 

De meeste hadden idealen dat het anders moest op de Nederlandse radio, en wierpen zichzelf op als lokaal gerichte omroepen. Van vriendenclubjes die een radiostation runde omdat zij zich richtte op bepaalde muziekstromen. Zo’n omroep was Radio Decibel in de hoofdstad Amsterdam. Niks geheimzinnigheid gewoon je vestigen in een voormalig winkelppand op een Amsterdamse gracht. Grote letters op het raam dB, de Radio Controle dienst melde zich regelmatig aan de voordeur en werden ontvangen met koffie, en in een vriendelijke sfeer werd het apparatuur inbeslaggenomen. De voormalig gebruikte Duitse zenders met flinkvermogen zorgde voor een groot bereik en voor storingsvrije signalen. De zenderkasten kregen de naam “Harry” en de aansluitende cijferreeks gaf de aantal inbeslaggenomen apparaten weer. 

Weer andere radiopiraten kozen voor zenders op zolderkamertjes met alleen een bandrecorder of een instuur-ontvanger die via de UHF of GHZ-band werkte. De studio was op een veilige afstand. Radio Unique in Amsterdam werkte volgens die manier. 24/7 dagen per week in de lucht, met gepresenteerde programma’s en een eigen nieuwsdienst.

Van een 110 meter hoge schoorsteen waar de zender op geïnstalleerd was tot terrariums met giftige ratelslangen of dynamiet, zorgde regelmatig voor vermelding in de krant.   

Vele van dit soort radiopiraten hebben ons professionele radiomakers opgeleverd waar men vandaag de dag nog naar luistert op landelijke radio. Denk aan namen zoals: Erik de Zwart, Ton Lathouwer, Jeroen van Inkel, Rob van Sommeren enz…

Ikzelf was ook in de periode van 1981 t/m 1987 betrokken en actief bij radiopiraten. Mijn eerste inbeslagname was op 29 juli 1982 ik was nog een broekie van amper 16 jaar. 

Ik raakte daarna betrokken bij goed georganiseerde radiopiraten en maakte ik een zevental inbeslagnames mee. Hoge boetes, voorwaardelijke gevangenisstraf en FIOD-onderzoeken maakte een einde aan mijn piratentijdperk. 

Het was een vreemde periode, in Nederland was je een illegale zendpiraat en in België waar ik ook radioprogramma’s maakte, werd het oogluikend toegelaten door de overheid, vooral toen bekend werd dat er een wetswijziging in de mediawet ging komen. 

Met warme gevoelen kijken ik en al die andere radiopiraten van toen terug op een geweldige tijd. 

Het heeft mij vele vriendschappen voor het leven opgeleverd, en we hebben samen een periode in de radiogeschiedenis meegemaakt die waarschijnlijk zich nooit meer zal herhalen. 

Groet Jan Staphorst.

0 replies on “De hoogtijdagen van de radiopiraten.”